(Advertentie)

Geur, belangrijke hulp bij diagnose

 

Mede op basis van de geur die Hippocrates waarnam, bijvoorbeeld bij de urine van de patiënt, stelde hij een diagnose. Hij rook simpelweg dat er iets mis was, dat de lichaamssappen die het lichaam uitscheidde, verontreinigd waren en het lichaam bezig was met een ziekteproces.

Het gebruik van de neus als onderdeel van de diagnose is niet alleen maar iets van de oudheid. Ook moderne artsen maken, 2400 jaar na de grondlegger van de geneeskunst, nog steeds gebruik van de reuk.

                                                           

Sommigen in ieder geval. Er zijn artsen die bij het betreden van de kamer van de patiënt al sterke aanwijzingen hebben voor wat er aan de hand zou kunnen zijn, bijvoorbeeld een bacteriële longinfectie. En zelfs leken ruiken de sterke acetonlucht in de adem die specifiek is  voor diabetes.

 

Geur en gezondheid gaan, niet altijd maar vaak wel, samen. Honden ruiken soms dat mensen een ziekte onder de leden hebben. Maar een hond in de spreekkamer, dat is onpraktisch. Dus wordt er in  het AMC onderzocht of een elektronische neus uitkomst biedt.

Er bestaan per slot van rekening ‘elektronische neuzen’: apparaten die geur verwerken en identificeren.

                                                          

  

Amerikaanse veiligheidsdiensten maken er bijvoorbeeld gebruik van wanneer ze controleren of in bepaalde ruimtes explosieven aanwezig zijn. En het apparaat bewijst ook zijn waarde in de voedselindustrie. Waarom zou je dergelijke neuzen niet zo kunnen instellen dat ze op basis van uitgeademde lucht aanwijzingen geven over de gezondheid van de patiënt?

                    

                                                       

 

Klinisch fysioloog Peter Sterk en promovenda Niki Fens hebben subsidie gekregen van het Astma Fonds. De komende jaren onderzoeken zij of de elektronische neus onderscheid maakt tussen gezonde mensen en patiënten die te kampen hebben met astma en COPD. Beide onderzoekers weten al dat het goed werkt, maar willen dat ook aantonen. Zodat huisartsen in de toekomst een heel praktisch middel in handen hebben om astma in een zeer vroeg stadium op te sporen.

                                                          

 

Cyranose, zoals de elektronische neus door de Amerikaanse fabrikant wordt genoemd, ziet er niet uit als een neus maar meer als een grote mobiel telefoon.
De werking van de Cyranose is, alle hightech daargelaten, eigenlijk relatief eenvoudig. In de menselijke neus bevinden zich receptoren die, vergelijkbaar met de smaakpapillen, aanslaan op een aantal verschillende stoffen in de lucht.
Door het combineren van wat deze receptoren waarnemen, ontstaat wat wij ervaren als geur. De elektronische neus werkt op precies dezelfde manier met sensoren en kunstmatige intelligentie. In feite rolt er een patroon uit met allemaal verschillende pieken en dalen. Dat kan beschouwd worden als een handtekening of een vingerafdruk van de uitademing.

  



 Het klinkt eenvoudig en in wetenschappelijke termen is het dat ook. Het neemt niet weg dat de elektronische neus ontstellend veel informatie te verwerken krijgt. In plaats van het opsporen van enkele, specifieke stoffen gaat het hierbij om het patroon van duizenden stoffen tegelijk.
Gelukkig wordt er van alles waargenomen dat terzijde mag worden geschoven als niet belangrijk. Maar dat is een kwestie van leren. Na verloop van tijd wéét de Cyranose dat de knoflookgeur van die maaltijd de avond tevoren niet belangrijk is.


Een vroege diagnose stellen waardoor de ziekte snel kan worden behandeld en nog niet zoveel schade heeft aangericht, dat is wat beide onderzoekers willen bereiken. En dan uiteindelijk niet alleen voor wat betreft astma, de ziekte waar zij specifiek onderzoek naar doen, maar wie weet voor tal van ziekten.


Want we weten dat geur een rol speelt bij meer kwalen. We denken daarbij aan diabetes, tuberculose, longontstekingen, blaaskanker en het vroeg opsporen van longtumoren. Als de elektronische neus werkt bij astma, waarom zou het dan niet werken bij andere ziektes? Er zijn al aanwijzingen dat dat het geval is.

 

Het apparaat is het probleem niet, het is feitelijk gewoon een kwestie van instellen, zeggen de onderzoekers. We kunnen bijvoorbeeld ook aan ziekten die je normaal gesproken opspoort via bloedonderzoek denken. Door de longen staat bloed namelijk met de uitademingslucht in contact. Dat opent interessante perspectieven.

Het is vooral de praktische werking van dit soort apparatuur die grote voordelen biedt, zeggen de onderzoekers.  Bij het minste vermoeden dat er iets mis zou kunnen zijn, zou de huisarts de patiënt door de elektronische neus kunnen laten ademen. Het is niet belastend, je hoeft niet allerlei vervelende onderzoeken te ondergaan.
En je hebt direct een antwoord. Geeft de neus geen aanleiding, dan weet je in elk geval dat er niets aan de hand is, ontdekt de Cyranose wel iets verdachts, dan ben je er in ieder geval snel bij.’’

                                                            

 

Hoe snel dit soort apparatuur op het bureau van de huisarts te vinden zal zijn, weten de beide onderzoekers nog niet. Liever vroeger dan later, vinden ze in ieder geval.  Het hangt van veel factoren af, maar onze inschatting zou zijn dat elektronische neuzen in tien tot vijftien jaar regelmatig in de spreekkamers worden gebruikt.

   

Bron: Algemeen Dagblad                                     

 



Voeg reactie toe

Stuur dit artikel naar iemand:
 Email aan: Jouw email: Jouw naam:

Dit artikel is geplaatst door Margot Stoker op 07/01/2008. Het is tot nu toe 792 keer gelezen.